Wim van Veelen en Mario van Mierlo: ervaren raadsleden nemen afscheid

De Raad van Toezicht en Advies heeft de belangrijke taak om toe te zien op het financiële en uitvoeringstechnische reilen en zeilen van het Instituut Asbestslachtoffers (IAS). De Raad van Advies vervult diezelfde taak voor het Instituut Slachtoffers Beroepsziekten door Gevaarlijke Stoffen (ISBG). Wim van Veelen (namens de FNV) en Mario van Mierlo (namens MKB-Nederland/VNO-NCW) maakten respectievelijk 21 en 25 jaar deel uit van de Raad van Toezicht en Advies en sinds 2023 ook van de Raad van Advies.

Links: Wim van Veelen. Rechts: Mario van Mierlo 

Regelingen steeds verder uitgebreid
In de ruim twee decennia die zij de rol van raadslid hebben vervuld, is er veel gebeurd. ‘In de eerste plaats natuurlijk de oprichting in 2000 van het IAS’, vertelt Van Veelen. ‘Daarmee kregen mensen die lijden aan mesothelioom conform de regeling TAS eindelijk de erkenning voor hun ziekte en een financiële tegemoetkoming. Dat was destijds een enorme stap vooruit.’ Zeven jaar later kwam er naast deze eerste regeling ook de regeling TNS. Van Mierlo: ‘Dat betekende dat mensen die de ziekte in de privésituatie hebben opgelopen, via bijvoorbeeld de kleding van de partner, vanaf dat moment ook een tegemoetkoming konden aanvragen. Weer zeven jaar later werden beide regelingen opengesteld voor mensen die lijden aan asbestose. Na al die jaren werd die uitbreiding als heel redelijk beschouwd.’

Van Mierlo noemt ook de introductie van de huisbezoeken, in plaats van het telefonische contact met de aanvragers, als een positieve ontwikkeling. ‘Mensen kunnen in hun eigen omgeving volkomen zichzelf zijn, de huisbezoeker vertellen wat hen is overkomen en wat er met hun leven gebeurt. Geen loket waar de mensen naar toe worden gestuurd, maar werkelijk aandacht voor de persoonlijke situatie. Dat is voor de slachtoffers vanaf de start van de huisbezoeken heel waardevol gebleken.’

Daarnaast kunnen werknemers gebruikmaken van het asbestregister, dat er op voorspraak van de FNV kwam. Werknemers die gegevens rond de blootstelling aan asbest en bewijsmateriaal zoals namen van getuigen digitaal willen vastleggen, kunnen dit via het register doen. ‘Dat kan, wanneer een asbestziekte vele jaren later ontstaat, behulpzaam zijn bij het afwikkelen van de schade’, aldus Van Veelen.

In 2020 kwam er naast de regelingen voor asbestslachtoffers een speciale regeling voor mensen die lijden aan OPS (‘de schildersziekte’). Op 1 januari 2023 is deze opgegaan in de nieuwe regeling Tegemoetkoming Stoffengerelateerde Beroepsziekten (TSB), die wordt uitgevoerd door het ISBG. Van Veelen: ‘Met de regeling is er aandacht gekomen voor mensen die lijden aan OPS, allergisch beroepsastma en longkanker door asbest. Daar komen binnenkort meerdere aandoeningen bij. Ook deze mensen kunnen nu dus een tegemoetkoming ontvangen. Bovendien krijgen de slachtoffers daarmee een stukje erkenning in handen, zodat zij eventueel naar een rechter kunnen stappen om de verdere schade op een werkgever te verhalen. Persoonlijk vind ik het heel mooi dat ik de oprichting van het nieuwe instituut nog tijdens mijn periode als raadslid heb mogen meemaken.’

Nieuwe beleidsstappen
De Raad van Toezicht en Advies en de Raad van Advies zien niet alleen toe op de uitvoering van de regelingen. Beide geven ook oplossingen aan voor knelpunten en stellen vast waar nieuwe beleidstappen nodig zijn. Zoals rond de slepende, nog altijd onopgeloste kwestie van de wettelijke verjaringstermijn voor asbestziekten. Slachtoffers kunnen via bemiddeling door het IAS naast de tegemoetkoming een hoger schadebedrag ontvangen. Echter, de als aansprakelijk aangewezen werkgevers en verzekeraars kunnen zich beroepen op de verjaringstermijn wanneer de periode tussen de laatste blootstelling en de diagnose langer is dan dertig jaar – al kan in een juridische procedure de rechter beoordelen of het beroep op verjaring redelijk en billijk is.

Tot op heden heeft de politiek zich nog niet bereid getoond om de wet aan te passen, waardoor dit ‘juridisch gesteggel’ nog wel even zal blijven bestaan. ‘Bij de politiek heerst namelijk de angst dat een wetswijziging een verdere werking zal hebben op andere gebieden’, zegt Van Veelen. ‘Maar die angst is onterecht. Er ligt zelfs een wetsvoorstel klaar waarbij nadrukkelijk wordt genoemd dat het alleen om asbestziekten gaat. En toch gebeurt er niets. Dat moet nu echt een keer doorbroken worden, het duurt al veel te lang.’

Ook Van Mierlo betreurt het dat er met het verstrijken van de tijd steeds meer asbestslachtoffers buiten de boot vallen. ‘Als alles nu bewezen is, iemand hééft met asbest gewerkt en er is een aansprakelijke werkgever aan te wijzen. Dan is het enige punt dat overblijft, het is verjaard. Is het redelijk dat je dat argument kunt gebruiken? Daarvan hebben we als raad gezegd: dat moet niet de blokkade zijn die mensen verhindert om naast de tegemoetkoming mogelijk nog een hoger schadebedrag te ontvangen.’

De kwestie van de verjaringstermijn zal volgens beiden stevig op de agenda moeten blijven staan. Datzelfde geldt voor de huidige stringente wijze waarop de toetsingscriteria voor de regeling TSB worden toegepast. ‘We zien dat het aantal mensen dat voor de tegemoetkoming in aanmerking komt nog sterk achter blijft bij de verwachtingen’, zegt Van Veelen. ‘De bewijslast moet tot achter de komma kloppen, het gaat erg gedetailleerd. Dit strookt niet met de beginselen van de regeling. Als duidelijk was: deze persoon is hoogstwaarschijnlijk door het werk ziek geworden, dan zou dat voldoende moeten zijn. Uiteindelijk zal de minister de opdracht moeten geven om de toetsingscriteria aan te passen. Het Lexces, dat de criteria opstelt, kan dat niet eigenhandig.’

Kritiek van buiten
Waar de raadsleden kritische kanttekeningen kunnen plaatsen, kwam de kritiek in het verleden ook van buiten. Soms terecht, maar soms ook onterecht, vindt Van Veelen. ‘Er is wel eens geroepen dat het IAS niet doet waar het voor is opgericht, omdat veel te weinig mensen voor een volledige schadevergoeding in aanmerking zouden komen. Maar in de afgelopen jaren zijn er wel degelijk veel mensen héél blij geworden dat er in elk geval een tegemoetkoming op tafel kwam. In veel gevallen is ook de volledige aansprakelijkheid erkend. Daardoor kon zelfs het hogere bedrag worden uitgekeerd. Wat het lastig maakt is de verjaring en het feit dat het bij arbeidsgerelateerde longkanker ingewikkeld is om het aspect asbest aan te tonen. Maar laten we niet vergeten dat het IAS veel ellende weliswaar niet heeft kunnen voorkomen, maar in zekere zin wel heeft kunnen verzachten. Niet alleen met het geld, maar ook door het feit dat mensen gehoord werden en dat er begrip voor hun situatie is ontstaan.’

Hij hoopt dat er uiteindelijk een ‘Asbestfonds’ komt dat bij elkaar wordt gebracht door het bedrijfsleven en ook de overheid een duit in het zakje zal doen. ‘Ondanks dat de gevaren bekend waren heeft de overheid het gebruik van asbest immers lange tijd toegestaan. Het fonds kan voorbij gaan aan verjaring of aansprakelijkheid en keert een vast bedrag uit aan alle slachtoffers die asbest heeft gemaakt. Asbestschade in financiële zin behoort dan eindelijk tot het verleden.’

Nieuwe generatie
In april van dit jaar hebben beide heren afscheid genomen. Van Mierlo heeft de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Van Veelen heeft besloten om het raadslidmaatschap over te dragen aan een collega. ‘We blijven niet direct betrokken, maar zullen het IAS en het ISBG wel met belangstelling blijven volgen’, zegt die laatste. ‘Er is gelukkig een nieuwe generatie bevlogen mensen die het werk in de raad graag wil overnemen.’

Aan bevlogenheid was er bij beide heren de afgelopen jaren in elk geval geen gebrek. Van Mierlo: ‘Ons doel is altijd geweest het verkorten van de juridische lijdensweg van de slachtoffers en het netjes afwikkelen van de schade. Voor mensen die zo lang gewerkt hebben en zo ziek zijn geworden, soms nog maar kort te leven hebben, moeten we goed zijn. Deze mensen moeten we goed behandelen.’

Hoewel er nog werk aan de winkel is, zoals ten aanzien van de wettelijke verjaringstermijn, is er door de bij de regelingen betrokken partijen de afgelopen decennia veel bereikt. Er ligt een stelsel dat volgens Van Mierlo zijn gelijke niet kent. ‘Ik vind echt dat we met de regelingen voorop lopen in vergelijking met andere landen in de EU. Maar het level playing field is ook van belang. Eigenlijk zouden we het in Europa overal zo moeten doen.’

De Raad van Toezicht en Advies en de Raad van Advies, het bestuur van het IAS en het ISBG en alle medewerkers danken beide heren heel hartelijk voor hun jarenlange inzet binnen beide raden en voor het belang van mensen met een asbest- en stoffengerelateerde beroepsziekte.

Dennis Derksen,
Juli 2024