Hoe ontstaat mesothelioom

Bij omstreeks 80 procent van de patiënten kan een relatie met blootstelling aan asbest in het verleden worden vastgesteld. Bij de rest is de oorzaak onduidelijk. De Gezondheidsraad heeft in een advies gesteld dat bij iedereen die mesothelioom krijgt en die vroeger gewerkt heeft in een beroep waarin blootstelling aan asbest voorkomt, moet worden aangenomen dat de ziekte is ontstaan door blootstelling aan asbest.

Latentietijd
De tijd tussen het eerste moment van blootstelling aan asbest en het ziek worden (diagnose), de latentietijd, is bij mesothelioom zeer lang. Uit de literatuur blijkt dat de gemiddelde latentietijd ongeveer veertig jaar is. Als we alleen naar de Nederlandse data kijken dan lijkt de latentietijd iets hoger te liggen: een gemiddelde latentietijd van 40,5 tot 53,1 jaar en een mediane van 49,0 jaar. Er zijn in de internationale literatuur overigens ook gevallen beschreven van mesothelioom bij kinderen, dat wil zeggen dat de latentietijd in die gevallen heel kort moet zijn geweest (minder dan vijf jaar) (RIVM 2017, pag. 37).
Uit de wetenschappelijke literatuur (Marinaccio, A e.a., 2007) en de gegevens van het IAS (zie figuur hieronder) blijkt dat de latentietijd toeneemt. Het IAS heeft de gegevens van de asbestslachtoffers van de jaren 2005 tot en met 2015 aan een nader onderzoek onderworpen. Het gaat in totaal om 4768 slachtoffers waarbij de periode werd vastgesteld tussen het eerste moment van blootstelling en het optreden van de ziekte. In het jaar 2005 bedroeg de gemiddelde latentietijd 48,5 jaar. In 2014 is de latentietijd opgelopen tot 53,1 jaar.

IAS Databank: aanvragen mesothelioom 2005 t/m 2015

Vergelijking ontwikkeling asbestgebruik en Mesothelioom in Nederland (1945-2019)
In ons land is vrijwel alle asbest na de Tweede Wereldoorlog verwerkt, met als zwaartepunt de zeventiger jaren (43%). Hierna loopt het gebruik sterk terug. In de jaren ‘80 is de totale verwerking nog maar 10% van het totaal en in de jaren ‘90 is dit gedaald tot 2%. In de jaren 70 bereikte het asbestgebruik in Nederland een piek (Harmsma, 2006). Hoewel de absolute aantallen mesothelioomslachtoffers per jaar nog geen daling laten zien, neemt de relatieve mesothelioomsterfte-incidentie (per 100.000 inwoners) de laatste jaren wel af (CBS Statline.nl).

Vergelijking asbestgebruik (1945-1993: (Harmsma, 2006) en sterfte mesothelioom (1960-2018: CBS Statline.nl)